Blauwe bes
Blauwe bes Ericaceae /645/
Tot de familie van de heidekruidachtige of Ericaceae behoren niet alleen planten als de struik- en dophei maar bijvoorbeeld ook rododendrons en azalea’s. Van oorsprong zijn het vrijwel alle dwergstruiken die laag bij de grond blijven en vooral voorkomen op zure bodems in gematigde streken, zowel op het noordelijk als op het zuidelijkhalfrond.
Vooral het geslacht Vaccinium (bosbes) telt nogal wat soorten met eetbare besvruchten. Deze worden al sinds onheuglijke tijden verzameld en gegeten; vooral voor nomadische volken vormden ze een belangrijke bron van voedsel en vitaminen.
Dat verzamelen gebeurt nog altijd. Overal in Europa worden in zomer en herfst de vruchten geplukt van wilde soorten als blauwe en rode bosbes, rijsbes en veenbes. Meestal gebeurt dat voor eigen gebruik omdat het plukken nogal arbeidsintensief is en dus zelden lonend. Dat geldt zeker voor Nederland, waar bovendien het areaal voor wilde bessoorten wel érg klein is geworden. Elders in Europa wordt hier en daar nog wel eens voor de handel verzameld; een enkele keer komen de resultaten van die oogst ook bij ons op de markt. Groter is echter de aanvoer van twee soorten die commercieel geteeld kunnen worden: de blauwe bes of tros- veenbes (Vaccinium corymbosum) en de cranberry of grote veenbes (Vaccinium macrocarpum), die, als plant, in Neder land ook wel lepeltjesheide wordt genoemd.
De blauwe bes, waarvan inmiddels een aantal rassen is ontwikkeld, is afkomstig uit Noord-Amerika en wordt sinds de jaren vijftig ook in Europa gekweekt. Het is geen veredelde bosbes, zoals wel eens wordt beweerd. De blauwe bes is een andere soort, ze smaakt anders en ze heeft bijvoorbeeld kleurloos sap, terwijl dat van de blauwe bosbes diep paars van kleur is. Ook zijn blauwe bessen aanzienlijk groter, tot wel 2,5 cm in doorsnee. De blauwe bes groeit in trossen aan soms wel 4 m hoge struiken en kan machinaal worden geoogst. De cranberry is eveneens van Noord-Amerikaanse oorsprong. Ze groeit weliswaar ook op sommige Waddeneilanden, voornamelijk op Terschelling, en wordt daar ook wel voor de handel verzameld maar haar voorkomen daar is een toeval. Naar men aanneemt is de plant er in het midden van de vorige eeuw terechtgekomen nadat een vat met deze bessen na een schip breuk aanspoelde op Terschelling. Vrijwel alle aanvoer in Europa is afkomstig uit de Verenigde Staten.
Uit het Middellandse-Zeegebied worden af en toe de vruchten aangevoerd van de aardbeiboom. De ruwe, ronde vruchten zijn eetbaar, maar daarmee is ook alles gezegd.
Blauwe bes of Trosveenbes ( Vaccinium corymbosum)
ENGELS: Blueberry
FRANS: Airelle bleu
DUITS: (Kultur) heidelbeere
OMSCHRIJVING: Zwart- blauwe bessen met een mat oppervlak, 1,5 tot 2,5 cm in doorsnee. Behalve door haar grootte en de geheel andere, betere smaak onderscheidt de blauwe bes zich van de blauwe bosbes door haar kleurloze sap. De blauwe bes, die ook in Nederland in toenemende mate wordt gekweekt, groeit in trossen aan vrij hoge struiken en wordt daarom ook wel ‘trosveen bes’ genoemd.
OORSPRONG: N.-Amerika.
PRODUCTIELANDEN:
Verenigde Staten, Neder land, Duitsland, België.
AANVOERTIJDEN: juli tot september.
GEBRUIK: Vers eten of verwerken tot jam, compote, sap ed. Ook geschikt voor fruitsalades, vlavullingen ed.
HOUDBAARHEID: Bij kamer- temperatuur twee dagen, bij 4 °C maximaal 10 dagen. VOEDINGSWAARDE: Per 100 g vruchtvlees 81 i.e. vitamine A, 2, 5 mg vitamine C,
en beperkt vitamine B.
INDUSTRIËLE VERWERKING:
Jam, compote, gelei en sap.
