Salak
Salak (Zalacca edulis. syn. S. zalacca) fam. Palmaceae /1014/983/
Naamgeving
Salak is bekend onder de volgende namen:
Nederlands: Salak , slangevrucht
Engels:Salak,Snake fruit
Duits:Salak,(Grosse ) Schlangenfrucht,Croton,
Frans:Salak
Spaans:Salak,Rakum
Thai: sala, Rakum
Maleisie: salak
Indonesie: Salak
Familie
Salak behoort tot de familie van de Palmaceae of wel palmboomachtige. Deze familie heeft meer dan 4000 soorten. Het is een plantenfamilie die de eigenschap heeft om hoge bomen te maken met geschubde kale stammen en de kroon bestaat uit een groot aantal waaiervormige bladeren. In die kroon ontwikkelen zich de vruchten meestal zijn het trossen.
Enkele van deze soorten produceren eetbare vruchten zoals, dadels, kokosnoten en salak. Daarnaast is deze uitgebreide familie leverancier van plantaardige oliën en vetten. Ook in andere grondstoffen zoals kokosvezels, raffia en rotan voorziet de "palmenfamilie".
Herkomst
Indonesië, het eiland Bali is de bakermat van de Salak. Voordat deze vrucht de wijde wereld inging is deze eerst verspreidt op Java. Hier zijn ook enkele cultivars ontstaan.
Uiterlijke kenmerken
Salak is een afwijkende struikvormige palmsoort met gestekelde bladeren. De vruchten zijn peervormig en zijn 5-7 cm groot. De rode, roodbruine of witte lederachtige schil is dakpansgewijs geschubd, waardoor het er op lijkt alsof er kleine stekeltjes op de vrucht zitten. De vrucht bestaat uit drie gevliesde partjes geelwit vruchtvlees. In elk partje zit een bruine pit die niet eetbaar is.
Van rijpe vruchten smaakt het vruchtvlees zoetzuur. Onrijpe vruchten verspreiden een onaangename geur, smaken zuur en zijn astringent en worden gekookt verwerkt in chutneys en andere gerechten..
Consumptie en toepassing
De schil is taai, maar verrassend dun en eenvoudig te openen. Binnenin vind je een crème kleurige vrucht, die verdeeld is in 3 of meer partjes, meestal met een enkele pit in de grootste ervan. Salak's zijn niet sappig, wat ze speciaal makkelijk te schillen en te eten maakt. De vrucht heeft de stevigheid van een wortel en een bepaalde aangename smaak, zuurzoet, zoals de ananas, maar is hard en knapperig. Hij smaakt zoals geen andere vrucht.
a. Rijpe vruchten
Partjes, zonder pitten, verwerken in desserten of fruitsalades.
b. Onrijpe vruchten: (verspreiden een onaangename geur):
Schoonmaken en met suiker in water koken tot ze zacht zijn. Afgekoeld serveren.
Jaarrond aanvoer
De salak-vruchten worden hoofdzakelijk geïmporteerd uit de productielanden Thailand en Indonesië.
De aanvoer piek loopt van februari tot half april. De populariteit van de Salak is stijgende. In Bali zijn de Salak telers volop bezig met veredeling en teelt vervroeging en verlating. Hierdoor zal de aanvoer periode snel langer worden.
In Suriname wordt, in navolging van Bali, ook gewerkt aan een jaarrond teelt.
De salak is een makkelijke vrucht voor transport. Meestal verpakt in dozen van 2 tot 4 kilo . Transport temperatuur is ca. 8 °C bij een RV van 90%
Teeltgebieden
Voornamelijk gelegen in Zuidoost Azië . Thailand, Maleisië en Indonesië zijn de grootste exporteurs. De Nederlanders hebben rond 1900 de Salak naar Suriname gebracht. Nu is Suriname de belangrijkste producent in Zuid Amerika.
In het tropische deel van Australië is Salak teelt sinds 1925.
Rassen
De vruchten van de salak worden nog niet onder rasnaam verkocht.
Enkele ras omschrijvingen
Salak, de wilde vorm, is donkerbruin, rond van vorm en spits toelopend.
Salak Pondoh Hitam, is paarszwart glanzend van kleur en kogelrond van vorm.
Salak Pondoh Super, is donker bruin van kleur, rond van vorm met grote vruchten.
Salak Pondoh Super Kuning, is lichtbruin glanzend van kleur, spitstoelopend.
Salak ‘Boni’, is donkerbruin van kleur, met zalmroze vruchtvlees.
Beschrijving door Dick Pijpers ©2011
